Zaterdag 14 maart 2020. Porto dell’Etna, Riposto op Sicilië.

We zijn niet super vroeg op, maar ook in de loop van de ochtend lijkt het alsof het zondagochtend zes uur is: zo stil is het. We zien af en toe een auto rijden en soms een paar mensen lopen. Het is nu echt tot iedereen doorgedrongen, dat we huisarrest hebben. We hebben genoeg eten ingeslagen voor de komende dagen, daarom hebben we niet gekeken of de winkels open zijn.

We starten halverwege de dag onze “verplichte” wandeling in de haven. We moeten echt even bewegen, maar het is beslist geen straf. Frans loopt in een shirtje en korte broek en zegt, dat hij het al warm heeft na een half rondje. Het is inderdaad weer prachtig warm weer. Op de boot hebben we zelfs aan de zijkant van de achtertent over de kuip een doek gespannen om wat schaduw te maken. Het is te warm om in de zon te zitten. We lopen de 5 kilometer, die we ons hebben voorgenomen. We komen op het haventerrein maar heel weinig mensen tegen. De havenmeesters staan bij het kantoor hun auto’s te wassen en alleen een visser met een klein bootje rijdt met de auto weg na lekker op zee te zijn geweest. We praten kort met de schipper van een grote zeilboot, die uit Brazilië komt. De eigenaar wilde deze maand naar Riposto komen, de boot ligt hier al de hele winter met de schipper alleen. Ze willen de boot terug varen naar Zuid-Amerika, maar de plannen zijn nu allemaal veranderd. De mensen die we spreken vragen we of ze eten genoeg hebben maar dat is nog geen probleem.

George is met zijn camper in Noto en blijft daar nog een paar dagen. Hij wilde naar Malta, maar is nu ontzettend blij dat hij niet is overgestoken. Je moet in Malta 14 dagen in quarantaine als je uit Italië komt en hij was Italië op de terugweg niet meer binnen gekomen. Hij hoopt maandag terug te rijden. Hij heeft een ingevulde verklaring nodig, dat hij terug naar zijn bedrijf gaat. Een stuk van de weg is een tolweg, je weet nooit of ze controleren bij de poortjes als je de tolweg verlaat.