Maandag 16 maart 2020. Porto dell’Etna, Riposto op Sicilië.

Het heeft gisteravond en vannacht een beetje geregend, daar is vanochtend niets meer van te zien. En de voorspelde bewolking is er niet, we hebben weer stralende zon. Als we buiten ontbijten horen we plotseling muziek, eerst zachtjes en dan steeds harder. Het blijkt van de kerk te komen die twee straten verder is dan waar wij met de boot in de haven liggen. Er zingt een prachtig koor, het duurt meer dan een uur. Het doet ons denken aan alle filmpjes die we op de televisie en internet zien, van dorpspleinen waar alle mensen op de balkonnetjes staan en uit het raam hangen terwijl ze muziek maken en zingen. Iedereen is hier aan huis gekluisterd en op deze manier geven ze aandacht aan elkaar en is er saamhorigheid. Zeker gisteren werd het heel veel gedaan, omdat het zondag was.

Vandaag zijn er meer mensen op straat. Op de werf wordt weer gewerkt en we zien ook een paar vrachtwagens over de kade rijden. De winkels moeten wel bevoorraad worden. Frans heeft nog wat dingen in de werkplaats te doen en waagt zich buiten de haven. Hij durft niet met de fiets en gaat met de auto. We zien maar heel weinig mensen lopen, iedereen die zich verplaatst zit in een auto. Omdat Frans vanmorgen zijn rondjes hardlopend heeft afgelegd, ga ik tussen de middag maar alleen wandelen in de haven. Ik heb anderhalf uur gelopen en ben echt niemand tegen gekomen. Alleen de twee dames van het havenkantoor zijn langs me gereden voor de lunchpauze. Normaal zijn er altijd behoorlijk veel mensen op hun boten die alleen maar overdag komen. En normaal komen er ook veel monteurs en onderhoudsmensen op de steigers, nu is er helemaal niemand.

Ik lees op internet dat morgen om 17.00 uur iedereen in Nederland moet klappen voor alle mensen, die in deze moeilijke periode moeten werken, zoals de mensen in de zorg. Ik weet nog niet of ik morgen buiten ga zingen zoals de Italianen of dat ik ga klappen.