Vrijdag 20 maart 2020. Porto dell’Etna, Riposto op Sicilië.

Er is niet veel te melden vandaag, het is natuurlijk vanochtend heel rustig op straat, we horen heel weinig geluid van die kant. Het enige wat we horen zijn de geluiden van de werf. Als we de auto’s tellen en zien hoeveel mensen daar rondlopen, moeten er toch zeker 15 mensen buiten aan het werk zijn. En dan heb je nog het personeel op kantoor. Het werk gaat er gewoon door, wel draagt iedereen mondkapjes. De hele dag hoor ik keiharde muziek vanaf een hele grote motorboot aan de steiger voorbij de werf. Ze zijn daar aan het werk, ik kan de werkmensen zien, als we voorbij de werf omkeren in ons rondje wandelen. De muziek wordt in de loop van de dag steeds harder. Op de TV zien we dat mensen opgeroepen worden om de vlag uit te hangen en muziek te maken samen. Net als in Nederland moet het het saamhorigheidsgevoel stimuleren. Hopelijk vergeten ze ook hier de eenzame oudere mensen niet. Heel veel jongeren hebben in het verleden Sicilië verlaten, die zijn er nu niet om voor ouders te zorgen. Ik weet helaas niet wat wij kunnen doen.

Na de lunch gaat Frans naar de werkplaats. Hij heeft vanmorgen de wandelrondjes in de haven al hardlopend afgelegd. Ik loop alleen en “kweek” twee stevige blaren in mijn nieuwe schoenen, die ik uit Nederland meenam. Helaas is dat altijd zo: eerst een paar blaren en dan pas beginnen de schoenen lekker te zitten. Ik vrees, dat deze moeilijke periode met weinig bewegingsvrijheid nog wel even duurt. Ik mis mijn fietsen naar Giarre en zal het even moeten doen met de rondjes in de haven.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *