Maandag 25 mei 2020. Porto dell’Etna, Riposto op Sicilië.

We zijn eerder opgestaan om onze dagelijks wandeling te beginnen, het is ‘s morgens vroeg al erg warm. Het scheelt natuurlijk niet veel, waarschijnlijk moeten we het maar accepteren. Het is beduidend rustiger vandaag, waarschijnlijk waren er de afgelopen dagen veel mensen die alleen in het weekend wandelen. En nu we iets vroeger zijn lopen we onze ademtherapeut natuurlijk mis. We weten bijna zeker dat hij echt elke dag wandelt net als wij, maar we zien hem niet vandaag.

Frans vertrekt al vroeg naar de garage. De vlonders in de boot van George moeten aan de hoeken gerepareerd worden. De laagjes hout staan helemaal open. Als dit zo blijft zitten is het na nog een seizoen misschien wel verrot. Ik doe een rondje boodschappen en kom langs een paar terrasjes, waar de stoelen en tafels al buiten staan, keurig op een grotere afstand van elkaar en veel minder stoelen. In het dorp is het duidelijk drukker dan vorige week. Het begint allemaal weer een beetje te leven.

In de haven is sinds zaterdag wat opwinding onder de vissers, er schijnt een hele grote vis rond te zwemmen. We begrijpen niet goed waar al die vissers vandaan komen en wie hen heeft gewaarschuwd, maar gisteren, en ook vandaag, lopen er allemaal mensen met hengels over de steiger. Ook de havenmeesters komen af en toe langs in hun dinghy op zoek naar die hele grote vis. Vanaf onze boot kijken we uit op een brug, waar het water wat ondiep is, daar kun je de vissen goed zien, maar niemand signaleert hem. En toch zien we af en toe een flink ‘gevecht’ en opspattend water, dan jaagt hij achter kleine vissen aan. We zijn heel benieuwd wie hem nu uiteindelijk er uit haalt, maar misschien verdwijnt hij ook weer uit de haven, dat weet je nooit…..